Skip to main content Scroll Top
Nieuws of Column?:
NIEUWS
Breaker:
-
2026 - Uitgave 06

“Bedrijven dicht door ongeschikte rekenmodellen”

Sjoukje Dijkstra | Datum: 10 februari 2026

bedrijven-dicht-door-ongeschikte-rekenmodellen

Hoogleraar Ronald Meester | mkfotografie

Hoogleraar Ronald Meester staat volledig achter zijn bekritiseerde rapport

Prof. dr. Ronald Meester schreef in opdracht van demissionair staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur Jean Rummenie (BBB) het rapport ‘De illusie van een betrouwbare stikstof-modelwerkelijkheid’, waarin hij gehakt maakt van onbetrouwbare rekenmodellen die in de wet zijn opgenomen en vele boerenbedrijven in de problemen brengen. Afgelopen week lag hij in diverse media onder vuur, maar volgens Meester staat zijn inhoudelijke conclusie als een huis. “We nemen vergaande beslissingen over vergunningen en bedrijfsbeëindiging op basis van rekenmodellen die daarvoor niet geschikt zijn.”

Ronald Meester, hoogleraar waarschijnlijkheidsrekening aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, keek voor zijn onderzoeksopdracht voor LVVN niet alleen naar stikstofdepositiecijfers zelf, maar vooral naar de manier waarop deze cijfers tot stand zijn gekomen en worden gebruikt. Hij analyseerde de rol van rekenmodellen zoals Aerius en OPS, die leiden tot zogenoemde kritische depositiewaarden (kdw’s). Kdw’s zijn grenswaarden waarboven stikstofuitstoot volgens de theorie ‘ineens’ schadelijk zou zijn voor natuurgebieden. Volgens Meester worden deze waarden in het beleid en inmiddels ook in de rechtspraak gebruikt als scherpe, exacte en absolute, wetenschappelijk verantwoorde grenswaarden, terwijl iedereen weet dat ze dat in werkelijkheid niet zijn. “Die grenzen zijn geen harde natuurkundige drempels”, stelt Meester tegenover De Andere Krant.

In de praktijk heeft dit onjuist toepassen van deze waarden grote consequenties voor boerenbedrijven. “Boeren die klagen dat ze hun bedrijf moeten beëindigen, omdat modelberekeningen aantonen dat hun stikstofdepositie te hoog is, die hebben gelijk”, aldus Meester. “Dat is onrechtvaardig, omdat het geen absolute waarden zijn. Het zijn schattingen met ruime onzekerheidsmarges. Er is geen moment waarop je kunt zeggen: en nu deze waarde is bereikt, gaat de natuur ineens kapot.” Toch worden de getallen in het beleid en in de rechtspraak wel zo gebruikt. Meester maakt een vergelijking, voor mensen die niet bekend zijn met rekenmodellen en kdw’s, met verkeersboetes. “Stel dat je morgen een brief krijgt van het CJIB, waarin staat dat je een boete moet betalen omdat je ergens tussen de 50 en 150 kilometer per uur hebt gereden, zonder dat erbij staat waar, wanneer, hoe hard en met welke auto dat was. Dan accepteer je dat toch ook niet? Dan zeg je: dit bewijst helemaal niet dat ik te hard reed.”

Zijn kernbezwaar is dat modellen worden misbruikt om aan te tonen hoeveel stikstof van één specifieke actor, zoals een boerderij of bouwproject, neerslaat in één specifiek natuurgebied. “In de praktijk is dat nauwelijks vast te stellen”, zegt Meester. “Je kunt dat niet meten en je kunt het ook niet betrouwbaar vastleggen in een standaard rekenmodel.” Ook het RIVM erkent volgens Meester dat de afwijkingen in gemiddelde berekeningen kunnen oplopen tot 70 of 80 procent. “Dat zijn gemiddelden. Dan heb je het dus eigenlijk nergens meer over.”

Het meest kwalijke, volgens Meester, is dat het Aerius-model — dat oorspronkelijk bedoeld was om alleen schattingen van de stikstofwaarden te maken — inmiddels verworden is tot een juridisch instrumentarium dat als absoluut wordt gebruikt. “Het is buitengewoon vreemd dat de uitkomst van één specifiek model in de wet is verankerd”, aldus Meester. De consequentie ervan is dat de rechter gebonden is aan de uitkomsten van de berekening, terwijl deze wetenschappelijk feilbaar zijn. “De rechter kijkt niet naar de betrouwbaarheid van de uitkomst, maar naar de wet. Als die wet zegt dat het model leidend is, toetst de rechter alleen of het instrument gebruikt mag worden, niet of de uitkomst wetenschappelijk houdbaar is.”

Ambtenaren gebruiken Aerius op hun beurt om hun beleid te rechtvaardigen. Meester zegt vanaf het moment dat hij de onderzoeksopdracht aannam te hebben ervaren dat er spanning ontstond tussen staatssecretaris Rummenie en zijn ambtenaren. “Er was weerstand tegen het feit dat ik als buitenstaander hiernaar zou kijken.” Toen het rapport vorig jaar oktober verscheen, werd Meester onderdeel van een politiek en maatschappelijk debat.

Het demissionair kabinet concludeerde vorige maand — mede op basis van een beoordeling door Arthur Petersen, hoogleraar Science, Technology & Public Policy aan University College London — dat diverse conclusies in Meesters rapport niet voldoende wetenschappelijk onderbouwd zijn. Kort na de publicatie van het rapport, wezen verschillende politieke partijen het publiekelijk af. GroenLinks/PvdA en de Partij voor de Dieren spraken van “desinformatie”, terwijl ze de uitgebreide technisch analyses onmogelijk grondig bestudeerd konden hebben. “Dat zegt veel over hoe dit dossier functioneert”, zegt Meester. “Het ging al snel niet meer over de inhoud. Je wordt neergezet alsof je een politieke agenda hebt, terwijl je gewoon je vak uitoefent.”

In diverse media is de hoogleraar vorige week op de persoon aangevallen. ‘Staatssecretaris Rummenie duwde rammelend stikstofrapport er persoonlijk door’, kopte NRC afgelopen week. Zijn werkwijze en intenties worden ter discussie gesteld. Joop, een opiniesite van BNN Vara, ging nog een stap verder: ‘Stikstofrapport van wappie-wetenschapper blijkt bbbroddelwerk’. Meester spreekt van een hitpiece, zonder enige reflectie op de inhoud. “Er staan, zoals gebruikelijk bij NRC, de nodige verdachtmakingen in, maar de inhoud wordt niet besproken. Dat kan ook niet anders. Ik was bereid tot een interview, mits dat over de inhoud zou gaan. Dat weigerde Wouter van Loon (de journalist — red.). (…) Mijn rapport ‘rammelt’ volgens de NRC. Waarom dat zo zou zijn, heeft Van Loon niet duidelijk kunnen maken. (…) Ik heb, ook na de review van Arthur Petersen, niets terug hoeven nemen. Het is mij werkelijk een raadsel waarom NRC het niet over de inhoud wil hebben en alleen maar uit is op verdachtmakingen en vage suggesties”, deelde hij op LinkedIn.

Volgens Meester past het in de ontwikkeling dat natuurbeleid gelijk is komen te staan aan het tegengaan van de uitstoot van stikstof. “Alsof natuur alleen over stikstof gaat”, zegt hij. “Dat is een enorme versmalling. Wat mij betreft verdwijnt deze manier van rekenen met modellen helemaal.” Volgens hem worden wetenschap en ideologie door elkaar heen gebruikt. “Dan hoor je: ik kan niet anders, want het model zegt het. Dat is geen wetenschap, dat is verschuilen erachter.” Wetenschap functioneert volgens Meester juist bij de gratie van twijfel, begrenzing en debat. Wat er volgens hem nodig is, is een fundamenteel andere benadering: minder rekenen op detailniveau, meer kijken naar trends en zichtbare ontwikkelingen en politici die hun verantwoordelijkheid nemen. “Gezond verstand zou weer leidend moeten zijn. In plaats van deze hysterische manier van omgaan met onzekerheid.”

Deel dit artikel:

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.