Nieuws Mens en Macht

Kamer op ramkoers met kabinet over WHO-verdrag

WHO en kabinet
💹

Kamer wordt wakker en wil weten wat de globalisten uitspoken​
Kamer wordt wakker en wil weten wat de globalisten uitspoken
Datum: 3 februari 2024
Mens en Macht

Toine de Graaf

Toine de Graaf

De Tweede Kamer heeft deze week unaniem een motie aangenomen van Caroline van der Plas (BBB) waarin de regering wordt gesommeerd “geen handtekening” te zetten onder een nieuw af te sluiten Pandemieverdrag waar de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) op aanstuurt “voordat de Kamer zich daarover heeft uitgesproken”.

In mei van dit jaar vergadert de World Health Assembly van de WHO – waarbij alle landen van de VN zijn aangesloten – over verregaande voorstellen waarbij de WHO meer bevoegdheden krijgt om het gezondheidsbeleid van landen voor te schrijven bij epidemieĂ«n of andere bedreigingen voor de volksgezondheid.

Critici stellen dat de WHO nauwe banden heeft met de vaccinindustrie en streeft naar vaccinatiepaspoorten en censuur. Zij vrezen ook dat de nationale soevereiniteit verder wordt uitgehold als er meer macht gaat naar een niet-democratische, globalistische organisatie als de WHO.

“Wij willen eerst zien wat er nou precies in het conceptverdrag staat voordat de regering Nederland mag binden aan internationale wetgeving”, stelt Mona Keijzer van BBB tegenover De Andere Krant. “In coronatijd hebben we gezien hoever maatregelen in kunnen grijpen in de grondrechten en de persoonlijke levenssfeer van mensen. Dat vergt besluitvorming van de Nederlandse volksvertegenwoordiging.”

Minister van VWS Conny Helder gaf in de Kamer echter aan dat zij geen overleg met de Kamer wil voorafgaand aan de World Health Assembly. Zij zei: “De rolverdeling bij internationale verdragen is als volgt: het kabinet gaat over het besluit om het verdrag te ondertekenen. Dat doen we in de jaarvergadering van de WHO, de Assembly. Het parlement gaat vervolgens over de ratificatie van het verdrag.”

Machtsgreep WHO loopt averij op


Er is steeds meer weerstand tegen de plannen van de WHO voor een nieuw wereldwijde Pandemieverdrag en aanpassingen in de Internationale Gezondheidsrichtlijnen (IHR) die de VN-instantie veel meer macht gaan geven. In Nederland is de Tweede Kamer wakker geworden en heeft BBB gevraagd om meer informatie van het kabinet. En de WHO heeft er nog een probleem bij: zij is volgens haar eigen statuten te laat bij het indienen van de aanpassingen in de IHR.

“Wereldwijd Pandemieverdrag dreigt uiteen te vallen”, kopte de Britse krant The Guardian op maandagavond 22 januari.1 Diezelfde dag had Tedros, directeur-generaal van de WHO, tijdens een informele briefing in GenĂšve de noodklok geluid over de vertraging in het besluitvormingsproces. Dat de WHO uit de planning loopt, komt volgens Tedros door vastgeroeste standpunten en een “stortvloed van nepnieuws, leugens en complottheorieĂ«n”. Hij wees erop dat nog “verschillende openstaande kwesties” moeten worden opgelost. “De tijd is erg kort”, zei hij. De World Health Assembly, de jaarlijkse bijeenkomst van de 194 WHO-lidstaten, vindt plaats op 27 mei en het is bedoeling dat dan het Pandemieverdrag wordt aangenomen. Maar het wereldwijde gevoel van urgentie lijkt te zijn afgenomen, nu covid-19 op de achtergrond is geraakt. Reden waarom Tedros tijdens de recente WEF-bijeenkomst in Davos de wereld schrik probeerde aan te jagen met Disease X (Ziekte X), een infectieziekte die we nu nog niet kennen maar die “twintig keer zo dodelijk” zou kunnen zijn als covid-19.

Tijdens de briefing in GenĂšve, die een uur duurde, was er een bijzondere rol voor een Nederlandse VWS-ambtenaar: mr. Roland Driece, medevoorzitter van het Intergouvernementeel Onderhandelingsteam (INB) van de WHO. Driece, sinds 1 juli 2020 directeur Internationale Zaken bij het ministerie van VWS, was in totaal bijna tien minuten aan het woord.2 Hij sloot zich aan bij Tedros, en maande de toehoorders tot spoed. Tegelijk stelde hij dat de WHO een “zeven jaar durend proces” heeft willen concentreren in een periode van twee jaar. Hij meldde dat slechts twee sessies, van elk twee weken, resteren om een “extreme” hoeveelheid werk te verzetten. Opmerkelijk: Driece noemde het vertragende “nepnieuws” in Ă©Ă©n adem met “de vragen die worden gesteld in al onze parlementen”.2 Sprak hier de INB-medevoorzitter of vooral de VWS-ambtenaar? Afgelopen oktober nog ontving toenmalig minister Kuipers schriftelijke Kamervragen over het WHO-dossier van Pepijn van ­Houwelingen (FVD) en Nicki Pouw-­Verweij (BBB). De beantwoording hiervan heeft Driece waarschijnlijk extra werk bezorgd. Maar je kunt je afvragen of het een topambtenaar past om Kamervragen te associĂ«ren met “nepnieuws”.

Grote zorgen bij de WHO zijn er ook over de wijzigingen in de Internationale Gezondheidsrichtlijnen (IHR), die men eveneens op 27 mei in stemming wil brengen. Daarbij schendt de WHO zelfs haar eigen regels, teneinde de juridische consequentie van de opgelopen vertraging te omzeilen. De eerste die hiervoor waarschuwde was de Amerikaanse onderzoeksjournalist James Roguski. Op 18 oktober publiceerde hij op zijn substack een onthullend exposĂ©.3 Het draait allemaal om artikel 55 van de huidige IHR, dat voorschrijft dat wijzigingen minimaal vier maanden voorafgaand aan de jaarlijkse ledenvergadering moeten worden gepubliceerd. Op 27 januari was de deadline, en die is niet gehaald. Dit betekent dat de behandeling van de IHR-amendementen moet worden doorgeschoven naar de World Health Assembly van mei 2025. Echter: die consequentie weigert de WHO te aanvaarden. De werkgroep die zich bezighoudt met de wijzigingen in de IHR heeft al toestemming gekregen van het WHO-secretariaat om af te wijken van de regels. Ze hoeft het pakket met honderden amendementen pas te overleggen tijdens de Assembly van 27 mei. Roguski vindt dit onacceptabel, omdat artikel 55 er is om een reden: “De amendementen die worden voorgesteld moeten vier maanden voor de vergadering worden ingediend, zodat er voldoende tijd is voor ons, het volk, om te begrijpen wat die voorstellen inhouden en om er wereldwijd op te reageren.” Roguski ziet “overtuigend bewijs van een schaamteloos en openbaar complot om artikel 55 van de IHR te schenden”.4

Het Nederlandse ministerie van VWS ontkent desgevraagd dat de WHO haar eigen deadline schendt. Een woordvoerder wijst er op dat de door de lidstaten ingediende wijzigingsvoorstellen op de IHR al in november 2022 publiek zijn gemaakt op de website van de WHO. Volgens Roguski echter is artikel 55 van toepassing op het “uiteindelijke onderhandelingsresultaat” dat zal worden voorgelegd aan de World Health Assembly, niet op de individuele voorstellen van de lidstaten. De medevoorzitter van de IHR-werkgroep Abdullah Assiri heeft openlijk toegegeven dat niet aan deze deadline is voldaan.

De termijn van 4 maanden is er juist voor bedoeld om nationale parlementen tijd te geven om voorafgaand aan de Assembly over de voorstellen te debatteren, zegt Roguski. VWS lijkt dat sowieso niet van plan, ondanks dat de Tweede Kamer op 30 januari een motie van BBB unaniem steunde die het kabinet oproept om niets te tekenen voordat er een debat is geweest over de voorstellen. De minister zei in de Kamer dat ze pas wilde debatteren nadat de regering de voorstellen heeft getekend. Van Houwelingen zegt desgevraagd: “Het is ronduit verbijsterend dat WHO de eigen regels opzij wil zetten om zaken door te drukken. Die regels zijn er niet voor niets. Onze democratie wordt aan alle kanten geweld aangedaan.” Hij kondigt Kamervragen aan.

Ondertussen groeit de kritiek op de WHO. De Amerikaanse internist Meryl Nass waarschuwt dat de vaccinpaspoorten, die de WHO zou willen afdwingen, samen met het overlappende concept van de digitale identiteit, paarden van Troje zijn die de deur openen voor de Central Bank Digital Currencies (CBDC’s).5 Nash wijst er daarnaast op dat censuur stilletjes lijkt te zijn opgenomen in artikel 44 van de IHR.6 Volgens dat artikel zal de WHO met landen samenwerken en hen helpen bij “het tegengaan van de verspreiding van valse en onbetrouwbare informatie op het gebied van de volksgezondheid, preventieve en anti-epidemische maatregelen en activiteiten in de media, sociale netwerken en dergelijke”. Waarmee de WHO zich, zo schrijft Nass, aansluit bij de ambities rond censuur van VN, WEF en EU. “De globalisten zijn uit op een zachte staatsgreep, geen kogels of bommen, we moeten gewillig in hun val lopen”, waarschuwt Nass. “Maar om dit voor elkaar te krijgen is absolute controle over het narratief cruciaal.” Minstens Ă©Ă©n Amerikaans Congreslid lijkt haar boodschap te hebben begrepen. Republikein Chip Roy (Texas) vroeg op 22 januari Xavier Becerra, de Amerikaanse minister van Volksgezondheid, afstand te nemen van de WHO.7 Hij beschouwt de censuurbepalingen die de WHO nastreeft “in strijd met de grondbeginselen van ons land”.

Roy verwijt de WHO verder “nauwe banden met de Chinese Communistische Partij (CCP)”. Hij had ook nog kunnen wijzen op de band met Duitsland dat de ontwikkeling van het mRNA-vaccin van BioNTech subsidieerde Ă©n de grootste financier was van het WHO-covid-beleid.8 En op de banden met private partners, want de WHO wordt gesponsord door de Bill & Melinda Gates Foundation en door organisaties als de alliantie van vaccinproducenten Gavi en de Britse Wellcome Trust, die nauw verweven is met Big Farma. Volgens Roy is de WHO “tot op de dag van vandaag” terughoudend in het volledig en onbevooroordeeld onderzoeken van de Chinese oorsprong van covid-19, terwijl een lablek zeer waarschijnlijk is.
Daar komt dan nog bij dat de huidige ‘chief scientist’ van de WHO, sir Jeremy Farrar, de doofpot rond het lablek coördineerde toen hij nog directeur was van de Wellcome Trust, zoals Robert F. Kennedy jr. onderbouwt in zijn boek The Wuhan cover-up. Is Farrar, en daarmee de WHO, een partij die we de wereldwijde respons op een mogelijk nieuwe infectieziekte kunnen toevertrouwen?


 
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.




©2024 De Andere Krant.
Alle rechten voorbehouden.