“Wie de staat bespot, moet geconfronteerd worden met een krachtige staat”
Nancy Faeser SPD | Fotografie: Imago GmbH
Duitse minister wil kritiek op Bondsrepubliek strafbaar stellen
Het ministerie van Binnenlandse Zaken in Duitsland heeft een nieuw plan gelanceerd, genaamd ‘Rechtsextremisme resoluut bestrijden’. In het beleidsdocument is het label rechtsextremisme zo breed gedefinieerd, dat het geplakt kan worden op iedereen die kritiek op de staat uit. De sociaaldemocratische minister Nancy Faeser liet in een persconferentie weten dat politieke dissidenten aangepakt moeten worden als misdadigers.
Streven naar “het veranderen van de samenleving volgens racistische en anti-pluralistische ideeën” moeten worden aangepakt, zo blijkt uit het zestien pagina’s tellende beleidsdocument Rechtsextremismus entschlossen bekämpfen. De sociaaldemocratische minister Nancy Faeser lichtte de plannen vorige week toe in een persconferentie. De SPD-minister liet de media weten dat “alle beschikbare middelen” zullen worden ingezet in de strijd tegen wat de Duitse regering ‘rechts-extremisme’ noemt. Faeser kondigde aan dat “het verbreken van netwerken en het droogleggen van financiële bronnen” van dissidenten ook tot de opties behoort.
Het beleid van de regering borduurt voort op het in 2022 geïntroduceerde Aktionsplan gegen Rechtsextremismus. Faeser zei dat de straatprotesten in januari tegen de politieke partij Alternative für Deutschland (AfD) in diverse Duitse steden haar een extra legitimatie geven voor haar nieuwe beleid. AfD, in de meeste media consequent als extreemrechts neergezet, geniet nu al steun van meer dan 20 procent van de Duitse bevolking en is daarmee in de peilingen de tweede grootste partij van het land, na het christendemocratische CDU. Faeser stelt dat de protesten tegen AfD in januari bewijzen dat “miljoenen mensen in Duitsland zich zorgen maken over de groeiende invloed van extreemrechts”. Volgens haar moet “de open samenleving worden beschermd tegen haar vijanden”. Zij maakt daarbij gebruik van observaties van het Federale Bureau voor de Bescherming van de Grondwet (BfV), dat nauw samenwerkt met de geheime dienst. De geheime dienst onderzocht het AfD uitgebreid en noemt de partij als het gaat om rechts-extremisme “verdacht”, zonder daarbij concreet te worden.
De definitie die de Duitse regering gebruikt voor het begrip rechts-extremisme, is vaag en breed. De overheid grijpt daarbij steeds meer ruimte. Zo bestaat er nu ook de term “nieuw-rechts”, dat beschreven wordt als een “scharnier tussen niet-extremistische kringen en het extremistische (partij)spectrum”. “Nieuw-rechts” zou “de inhumane plannen van rechts-extremisten een onschuldig uiterlijk geven”, blijkt uit het beleidsdocument. Volgens Thomas Haldenwang, voorzitter van het BfV, moeten deze nieuw-rechtse groepen “ontmaskerd worden als vijanden van de democratie”, omdat ze zich “verkleden en camoufleren”. Faeser sprak van “mensen die niets illegaals zeggen, maar zichzelf toch in een lastig parket brengen”. Kritiek leveren op de Duitse staat, staat gelijk aan het destabiliseren van de democratie, zo redeneerde de minister. Zelfs als deze uitingen van kritiek binnen de grenzen van de wet blijft.
Faeser streeft naar een aanpak van politiek dissidenten die vergelijkbaar is met die van de “georganiseerde misdaad”. In het beleidsdocument staat dat “degenen die de staat bespotten, moeten worden geconfronteerd met een krachtige staat, wat betekent dat elk misdrijf consequent moet worden vervolgd en onderzocht. Dit kan niet alleen door de politie gebeuren, maar ook door toezichthouders zoals de horeca of bedrijfstoezichthouders.”
Het BfV deelt momenteel al informatie over rechts-extremisme met lokale autoriteiten en werkt samen met de financiële sector om geldstromen in ‘rechts-extremistische’ netwerken bloot te leggen. Daarbij stuit het bureau momenteel nog op wettelijke beperkingen, wat hard ingrijpen bij ‘politieke misdrijven’ vooralsnog lastig maakt. Volgens Faeser zou een wetsvoorstel voor hervorming van de inlichtingenwet daar dit jaar nog verandering in moeten brengen. De BfV moet verregaande bevoegdheden krijgen om zo bij een potentiële ‘extremistische bedreiging’ geldstromen te blokkeren. Ook het recht op vereniging lijkt zijn langste tijd te hebben gehad. In het document staat letterlijk: “Een verbod op verenigingen behoort tot de strengste wapens in de instrumentenkist”.
Het beleid heeft ook consequenties voor mensen buiten Duitsland die de Duitse staat wagen te bekritiseren. “We zijn net zo vastbesloten om de internationale netwerken van rechts-extremisten aan banden te leggen. Rechts-extremistische haat mag noch uit Duitsland worden geëxporteerd, noch in Duitsland worden geïmporteerd”, aldus Faeser. Als het BfV iemand uit het buitenland dus verdenkt van ‘extremistische’ overtuigingen of activiteiten, bijvoorbeeld vanwege een onwelgevallig politieke statement op sociale media, dan kan het zomaar zo zijn dat die persoon de toegang tot Duitsland wordt ontzegd.
Volgens een rapport van het Europees Parlement is haatspraak een ernstige misdaad met een grensoverschrijdend karakter. Daarom kan het niet aan de lidstaten zelf worden overgelaten om wetgeving op te stellen. Er zijn nu al wel EU-brede regels tegen haatspraak gebaseerd op ras, huidskleur, religie en nationale of etnische afkomst, maar dat is voor het Parlement nog niet voldoende.
“De haat neemt toe”, stelt het Parlement. Daarom moet er een ‘open einde’-regeling komen. Dat betekent dat alle vormen van haatspraak moeten worden verboden, ongeacht waarop ze zijn gebaseerd. Hoe haatspraak dan precies wordt gedefinieerd, blijft onduidelijk. In elk geval mag vrijheid van meningsuiting geen excuus zijn om niets te doen, stelt het Europees Parlement nadrukkelijk.
De Europarlementariërs wijzen erop dat veel sociale media een platform bieden aan het verspreiden van haat. “We hebben te maken met een nieuwe sociale dynamiek, waardoor haat snel wordt genormaliseerd en evolueert”, verklaarde de Spaanse Europarlementariër Maite Pagazaurtundúa die verantwoordelijk is voor dit dossier. “We moeten ons als maatschappij beschermen en de mensen die worden aangevallen, beschermen.” Pagazaurtundúa is lid van het Renew-blok in het Europees Parlement, waartoe ook D66 en de VVD behoren.