Nieuws   Samen Leven

D66 vreest opmars van staatsvrije scholen


D66 vrije school
💨

Datum: 3 december 2021
Samen Leven
Ido Dijkstra
Ido Dijkstra

Het aantal staatsvrije scholen in Nederland groeit zo sterk dat D66 er iets aan wil doen. D66-Kamerlid Paul van Meenen vindt het een “enge” ontwikkeling. Veel ouders constateren echter dat hun kind in het reguliere onderwijssysteem niet tot volle wasdom komt Manya Hoekstra (38) startte samen met vijf andere vrouwen in Leeuwarden de particuliere school Libbenewiis.

Hoekstra zag dat de ontwikkeling van haar zoon Merlijn - inmiddels acht jaar – stagneerde toen hij naar groep drie van het basisonderwijs moest. “In groep een en twee kan een kind redelijk zichzelf zijn en van daaruit leren. Vanaf groep drie moet een kind zich continu aanpassen aan het schoolsysteem. Hij of zij krijgt de stof aangeboden, moet achter een tafeltje zitten en stil zijn. Die manier van onderwijs zorgt er bij veel kinderen voor dat de essentie, het ‘ik’, steeds minder gezien wordt. Bij Merlijn merkte ik op dat de intrinsieke motivatie om te leren en de creativiteit verdwenen.”

Na een zoektocht kwam Hoekstra erachter dat veel ouders hetzelfde ervaren. Halverwege april van dit jaar kwam een groep gelijkgestemden bij elkaar om te praten. Sindsdien zijn er spijkers met koppen geslagen. Een kernteam van zes moeders en onderwijs­professionals startte in september met de school Libbenewiis; Fries voor levende wijs, oftewel levend leren. “We hebben het vrij low-key uitgezet, maar kregen al gauw van allerlei kanten hulp aangeboden en veel bemoediging. We vonden onderdak in stadskerk De Wijngaard. Daarna stroomden de aanmeldingen binnen. We hebben nu 23 kinderen, hiermee zitten we voorlopig vol. In het begin moesten wij zoeken naar de juiste vorm en met name ook zelf uit het systeemdenken komen. We hebben onze draai nu gevonden en ik zie aan Merlijn dat het werkt. Hij vraagt nu in het weekend: “mama, wanneer mag ik weer naar school?”

Het onderwijs op Libbenewiis is anders dan de meeste Nederlanders kennen of zelf gewend zijn. Hoekstra: “Er zijn overeenkomsten, bijvoorbeeld de schooltijden: elke doordeweekse dag van half negen tot twee. De kinderen leren de basisvaardigheden lezen, schrijven en rekenen. Maar er zijn vooral grote verschillen. Zo hebben wij maar twee groepen: van vier tot en met zeven jaar én van acht tot en met twaalf. Er zijn vijf begeleiders, zodat het individu meer aandacht krijgt. Minimaal een van de begeleiders heeft een onderwijsbevoegdheid. Iedere dag worden er activiteiten aangeboden die passen bij het seizoen en het thema. Als leerlingen op dat moment een andere behoefte hebben, wordt het aanbod aangepast. Op deze manier stimuleren wij de individuele ontwikkeling. Een voorbeeld: hutten bouwen. De leerlingen maken dan een tekening op schaal van de hut. Ze onderzoeken hoe ze de hut kunnen maken, welk materialen ze nodig hebben en berekenen de benodigde hoeveelheid hout. Vervolgens gaan ze het dan ook uitvoeren. Zo leren ze niet alleen rekenen, maar worden de verschillende vaardigheden ook direct toegepast in de praktijk.’’

Kritiek
Het aantal ‘staatsvrije’ of B3 scholen (zie kader) is het afgelopen jaar hard gegroeid. Volgens een woordvoerder van de Onderwijsinspectie zijn er dit jaar al zeker 25 bij gekomen. Dat is ongeveer vier keer zoveel als het gemiddelde over de laatste zes jaar. In december 2020 waren er 81, zes jaar geleden waren het er 44. Nu ligt de teller dus op dik over de 100. 

D66-Kamerlid Paul van Meenen vindt deze ontwikkeling “eng”, zo zei hij onlangs bij het programma EenVandaag. “Staatsvrij klinkt misschien wel aardig, maar dat betekent in mijn ogen ook samenlevingsvrij,” zei Van Meenen. “Dat ouders bepalen zich af te wenden van de samenleving moeten ze zelf weten, maar ik vind dat kinderen samen moeten opgroeien. Ik vind dit echt een enge ontwikkeling.” De voormalig onderwijzer noemt het een “experiment met kinderen”.

Van Meenen komt binnenkort met een voorstel om het toezicht op particuliere scholen aan te scherpen, meldt EenVandaag. “Ik wil dat er veel strenger toezicht komt op de kwaliteit en veiligheid van het onderwijs en de inspectie moet ruimere bevoegdheden krijgen om deze particuliere scholen sneller te kunnen sluiten.”

Lacey Bartels van de Bovenwijsbond, een nieuwe belangenvereniging die opkomt voor nieuwe en afwijkende visies in het onderwijs, vindt de opmerkingen van Van Meenen zorgelijk. “Dat deze scholen als paddenstoelen uit de grond schieten en dat in een klimaat waar er geen subsidie is, laat juist zien hoeveel animo er is van een andere, nieuwe invulling van het onderwijs. Het huidige, reguliere onderwijssysteem, is haast op een industriële manier ingericht, waarbij er vooral moet worden geluisterd en kennis wordt gereproduceerd.”

Dat deze scholen ‘samenlevingsvrij’ zouden zijn, zoals Van Meenen zegt, is volgens de Bovenwijsbond de omgedraaide wereld: “Er is juist meer aandacht voor het aspect samenleven.  De ontwikkeling van staatsvrije scholen een ‘experiment met kinderen’ noemen, is de pot die de ketel verwijt dat die zwart ziet.”

Hoekstra kan ook niet veel met de kritiek van Van Meenen. “Verschillende neurowetenschappers stellen dat een kind geboren wordt met een natuurlijke aanleg om te leren. Daar spelen wij op in. Wij bereiden de kinderen juist heel goed voor op de toekomst. De aangeboden activiteiten sluiten aan op de maatschappij, bijvoorbeeld leren zelfvoorzienend te zijn met een eigen moestuin of eigen inkomsten genereren door peren te verkopen. De basisvaardigheden zoals lezen, schrijven, rekenen enzovoort zijn hierin geïntegreerd aangeboden.  Het regulier onderwijs belemmert het natuurlijke leerproces, wij proberen het juist te activeren.”

Libbenewiis staat in de kinderschoenen en wil gauw passen zetten naar volwassenheid. Hoekstra toont een ‘mood-bord’ met een schets van het droomscenario. Enkele luxe tenten fungeren als klaslokalen. Voor de rest is het idee zoveel mogelijk buiten te zijn. “De Libbenewiis droomplek is in en dicht bij de natuur. Met een voedselbos, moestuin, dieren, natuurlijke speelplek, hutten van wilgentakken en yurts.” 

Wat is een B3-staatsvrije school?
In Nederland heeft ieder kind recht op onderwijs. Doorgaans wordt dat gefinancierd door de overheid via het reguliere onderwijs, waardoor de vorm en opzet van de basisscholen grotendeels hetzelfde is. Particuliere scholen hebben een zogenaamde B3-status, dat verwijst naar ‘school in de zin van artikel 1, onderdeel b, onder 3 van de Leerplichtwet 1969’. Deze scholen bieden een alternatief leerprogramma aan, maar voldoen wel aan de wettelijke en inhoudelijke eisen die de onderwijsinspectie stelt. Deze instellingen krijgen geen subsidie, waardoor ouders zelf schoolgeld moeten neerleggen. Ook Libbenewiis in Leeuwarden vraagt ouders om een bijdrage. Manya Hoekstra: “Wij proberen de kosten zo laag mogelijk te houden. Dat lukt omdat wij alleen met vrijwilligers werken en omdat wij via onze site levendewijs.com duurzame kleding verkopen. We willen voorkomen dat we een elitaire school worden. Ook voor kinderen uit een bijstandsgezin moet ons onderwijs toegankelijk zijn.”




 
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.



©2023 De Andere Krant.
Alle rechten voorbehouden.