Skip to main content Scroll Top
Nieuws of Column?:
NIEUWS
Breaker:
-
2026 - Uitgave 34

Datacenters en de strijd om schaarse middelen

Bert Weteringe | Datum: 23 augustus 2026

datacenters-en-de-strijd-om-schaarse-middelen

Illustratie: ©Wilfred Klap

De Microsoft-campus in Middenmeer zal in 2030 net zoveel stroom verbruiken als heel Amsterdam

In een tijd dat boeren te maken krijgen met sproeibeperkingen, mensen van de overheid het dringend advies ontvangen maximaal vijf minuten per dag te douchen en duizenden woningen en grootverbruikers wachten op een aansluiting op het volle stroomnet, worden in Amsterdam voorbereidingen getroffen voor een 1,1 miljard liter drinkwater slurpend datacenter. De Microsoft-campus in Middenmeer zal in 2030 net zoveel stroom verbruiken als heel Amsterdam. De explosieve toename van het aantal datacenters leidt automatisch tot de vraag of de digitalisering en de opkomst van AI ten koste mag gaan van de schaarse ruimte, stroom en water.

Duizenden woningen kunnen niet worden gebouwd en vele bedrijven moeten soms jaren wachten op een stroomaansluiting vanwege een gebrek aan capaciteit op het stroomnet. Tegelijkertijd investeren technologiebedrijven wereldwijd honderden miljarden dollars in energie-intensieve AI-datacenters in Nederland. De grootste datacenters moeten hun servers koelen met systemen die een groot waterverbruik vereisen. Het gebeurt allemaal terwijl provincies, waterschappen en drinkwaterbedrijven zich aan het voorbereiden zijn op periodes van toenemende droogte en in een tijd dat boeren en tuinders in droge zomers te maken krijgen met beperkingen op beregening en wateronttrekking. Nederlandse overheidsinstanties adviseerden de afgelopen zomer hun inwoners dringend nog maar vijf minuten te douchen om een watertekort te voorkomen.

In die context groeit het maatschappelijke debat over de vraag hoeveel ruimte, stroom en water beschikbaar moeten worden gemaakt voor de bouw van nieuwe datacenters. De verregaande digitalisering en de opkomst van kunstmatige intelligentie (AI) zorgen voor een explosieve groei van het aantal datacenters wereldwijd. Deze digitale fabrieken verwerken dag en nacht gegevens, voeren berekeningen uit en ondersteunen clouddiensten, AI-toepassingen, videobellen, e-mailverkeer, online opslag en talloze andere digitale diensten. AI-modellen worden getraind en gedraaid, Europese data worden onder EU-wetgeving opgeslagen en achter de schermen worden digitale workloads continu verdeeld over duizenden servers en meerdere datacenterlocaties om uitval te voorkomen en capaciteit optimaal te benutten.

Meer dan duizend hyperscale-datacenters

De schaal waarop deze ontwikkeling plaatsvindt, is  ongekend. De digitale ontwikkeling is inmiddels zo ver dat vrijwel alle publieke en private diensten leunen op deze digitale infrastructuur van servers in een datacenter. Volgens marktonderzoeksbureau Synergy ­Research Group (SRG) staan er wereldwijd inmiddels meer dan duizend zogenaamde hyperscale-datacenters, die meer dan 10 hectare grond beslaan met een elektriciteitsaansluiting van tenminste 70 megawatt — een aansluiting die vergelijkbaar is met het gelijktijdige stroomverbruik van een middelgrote Nederlandse stad. De meeste hiervan zijn in handen van bigtechbedrijven zoals Microsoft, Google, Amazon en Meta. Volgens de SRG verdubbelt hun gezamenlijke capaciteit ongeveer iedere vier jaar, vooral gedreven door de snelle opkomst van AI. Terwijl deze hyperscales minder dan 10 procent van alle datacenters uitmaken (naar schatting staan er tussen de 10.000 en 12.000 professionele datacenters wereldwijd), vertegenwoordigen zij een groot deel van de mondiale cloud- en AI-capaciteit en de rekenkracht.

Bigtechbedrijven beschouwen datacenters als de fysieke basis van de digitale economie en investeren fors in verdere uitbreidingen. De groei wordt voor een belangrijk deel aangejaagd door de wereldwijde AI-race. Persbureau Reuters meldde onlangs dat Microsoft, Amazon, Alphabet, Meta en Oracle gezamenlijk voor ongeveer 1,09 biljoen dollar aan toekomstige investeringen hebben vastgelegd, grotendeels gerelateerd aan nieuwe AI-datacenters. Daarmee is steeds meer fysieke infrastructuur nodig om de groeiende vraag naar rekenkracht te ondersteunen.

‘Nederland heeft datacenters nodig voor toekomstige welvaart’

Ook in Nederland wordt nadrukkelijk gekeken naar de kansen van AI. Eind 2025 presenteerde voormalig ASML-topman Peter Wennink zijn rapport De route naar toekomstige welvaart. In het rapport dat hij opstelde in opdracht van het kabinet-­Schoof, wordt digitalisering en AI aangewezen als een van de vier strategische domeinen waarop Nederland zijn toekomstige verdienvermogen moet baseren. Wanneer Nederland zijn economische positie wil behouden, zullen aanzienlijke investeringen nodig zijn, zo stelt het rapport. Wennink spreekt over een investeringsopgave van 151 tot 187 miljard euro tot 2035.

Deze ambities staan in schril contrast met de fysieke werkelijkheid, want waar de digitale economie vaak als iets abstracts wordt voorgesteld, rust zij uiteindelijk op beton, staal, koper, glasvezel, elektriciteit en water. En vooral die laatste twee, elektriciteit en water, vormen niet alleen een essentieel onderdeel voor de digitale revolutie, maar behoren ook tot de primaire levensbehoeften van de samenleving.

Datacenters nemen 4,6 procent van nationale energieverbruik

Om de digitale fabrieken draaiende te houden is allereerst veel stroom nodig. De meest recente cijfers van het CBS laten zien dat Nederlandse datacenters in 2024 gezamenlijk 5,1 terawattuur elektriciteit gebruikten. Dat komt overeen met ongeveer 4,6 procent van het ­nationale elektriciteitsverbruik. Alleen al het Microsoft datacenter in Middenmeer gebruikt inmiddels ruim 1 procent van het stroomverbruik in Nederland, zo maakte de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) in juli openbaar op basis van Europese rapportageverplichtingen over datacenters. Daarmee behoren datacenters inmiddels tot de grotere individuele gebruikers van elektriciteit in Nederland. Volgens Eneco topman Martijn Hagens is het nog niet genoeg: “Zet meer datacenters neer om economische groei en vraag naar stroom te stimuleren”, zo zei hij op 19 juli in Het Financieele Dagblad.

Terwijl netcongestie — het volle stroomnet — er in grote delen van het land voor zorgt dat bedrijven, woningbouwprojecten en maatschappelijke voorzieningen jaren moeten wachten op aansluiting of uitbreiding op het elektriciteitsnet en er bij huishoudens met overheidscampagnes op wordt aangestuurd het elektriciteitsverbruik te verminderen, lijkt er geen grens te zijn aan de uitbreidingsplannen van de grote technologiebedrijven. Nadat Microsoft in 2025 al 50 hectare grond kocht voor uitbreiding van de campus in Middenmeer, werd in juli op basis van gegevens uit het kadaster bekend dat het bedrijf daar opnieuw 37,5 hectare grond heeft gekocht. Ook vroeg Microsoft alvast een stroomaansluiting aan bij de netbeheerder, zo meldde het NRC. Volgens de Rapportage systeemstudie energie-infrastructuur Noord-Holland die in 2019 door adviesbureau CE Delft werd gepubliceerd, moet rekening worden gehouden met een verdere uitbreiding van de Microsoft Campus tot een vermogensvraag van 890 megawatt in 2030. Dat is ruim driemaal zoveel als nu en evenveel als de vermogensvraag van heel Amsterdam in 2020.

Volgens branchecijfers staan er momenteel ongeveer tweehonderd commerciële datacenters in Nederland, waarvan die van Microsoft en Google in Middenmeer en het Google-datacenter in Eemshaven zijn aangemerkt als hyperscale. Hoewel het kabinet in 2022 de regels voor hyperscale-datacenters aanscherpte, kunnen projecten waarvoor al vergunningen waren verleend nog steeds doorgaan. Zo werd in het voorjaar bekend dat er nog zeven grote datacenterprojecten in ontwikkeling zijn die onder bestaande vergunningen vallen: vier rondom Haarlemmermeer/Schiphol, twee in Amsterdam en één in Lelystad.

De duizenden servers in de datacenters moeten continu gekoeld worden om ze te beschermen tegen oververhitting en hiervoor is, afhankelijk van de koeltechniek, een grote hoeveelheid water nodig. Sommige systemen maken volgens de brancheorganisatie Dutch Data Center Association (DDA) voor de koeling gebruik van lucht of gesloten circuits met beperkt waterverbruik, maar bij verdampingskoeling, die vooral bij de hyperscale datacenters wordt toegepast om economische redenen, wordt gebruik gemaakt van leidingwater, gezuiverd afvalwater, oppervlaktewater of regenwater. Hierbij gaat door verdamping water verloren. Juist deze manier van koelen komt steeds vaker in opspraak, vooral in tijden van droogte en dreigende watertekorten, omdat hiervoor grote hoeveelheden water benodigd zijn, met name wanneer de buitentemperatuur stijgt naar zomerse waarden.

Miljarden liters drinkwatergebruik om te koelen

Zo kwam recent het waterverbruik van een gepland datacenter in Amsterdam-Zuidoost in opspraak. Het bedrijf Equinix — een van de grootste datacenterbedrijven ter wereld, dat wereldwijd honderden datacenters exploiteert  — wil jaarlijks 1,1 miljard liter drinkwater gaan gebruiken om de servers te koelen, zo meldde het NRC op 16 augustus. Dat is ruim 1 procent van wat het regionale drinkwaterbedrijf Waternet jaarlijks oppompt en ongeveer evenveel als het huidige, totale directe drinkwaterverbruik van alle Nederlandse datacenters samen. Volgens cijfers van het CBS komt dat neer op ongeveer 0,09 procent van het totale Nederlandse drinkwaterverbruik.

Dat lijkt niet veel, maar volgens onderzoekers van de Universiteit van Californië en het California Institute of Technology — onder andere gespecialiseerd in AI-infrastructuur, grootschalige computernetwerken en energie- en watersystemen — wordt het publieke debat over het waterverbruik van datacenters te veel gevoerd op basis van jaarlijkse gemiddelden, terwijl juist de piekbelasting op hete zomerdagen problematisch kan worden. Zij publiceerden in maart een wetenschappelijk artikel waarin zij waarschuwden dat de snelle groei van AI en cloudcomputing druk zet op lokale watervoorzieningen. Het onderzoek kreeg internationaal veel media-aandacht. Volgens onderzoeksleider professor Shaolei Ren kunnen datacenters die gebruikmaken van verdampingskoeling op warme dagen zes tot tien keer zoveel water gebruiken als gemiddeld, terwijl sommige nieuw geplande faciliteiten een piekverbruik hebben dat vergelijkbaar is met het waterverbruik van meerdere kleine steden. Verder schatten de onderzoekers dat Amerikaanse waterbedrijven tussen de 10 en 58 miljard dollar aan extra infrastructuurinvesteringen nodig kunnen hebben om de groeiende vraag van datacenters op te vangen. Daarbij gaat het om nieuwe waterzuiveringsinstallaties, reservoirs, pompstations en leidingen. Volgens Ren dreigt in sommige regio’s een fysiek tekort aan beschikbare waterbronnen. De onderzoekers pleiten daarom voor meer transparantie over piekwatergebruik en voor een grotere financiële bijdrage van datacenterbedrijven aan waterinfrastructuur.

Maatschappelijk belang

Of de explosieve groei van het aantal datacenters kan worden geremd om de prioriteit voor de verdeling van schaarse ruimte, netcapaciteit en water te verleggen is nog maar zeer de vraag. Onder Europese NIS2-wetgeving, die in 2022 werd aangenomen en gericht is op het vergroten van de digitale weerbaarheid van vitale sectoren, worden datacenterdiensten namelijk expliciet genoemd als onderdeel van de digitale infrastructuur die van essentieel belang is voor het functioneren van moderne samenlevingen. Datacenters komen daardoor steeds nadrukkelijker terecht in dezelfde categorie van maatschappelijk cruciale voorzieningen als energie-, water-, communicatie- en zorgvoorzieningen. De grote vraag is wie uiteindelijk bepaalt welke digitale activiteiten van voldoende maatschappelijk belang zijn om die status te rechtvaardigen? Voorlopig lijkt big tech met zijn vele miljarden de doorslaggevende factor te zijn.

AI-datacenters voor digitale surveillance

Niet alle zorgen over de groei van AI-datacenters gaan over stroom, water of ruimte. Een deel van de kritiek richt zich op de vraag wat er met al die data gebeurt. Volgens voormalig investeringsbankier en topfunctionaris in de regering Bush-senior Catherine Austin Fitts ontstaat een samenleving waarin steeds meer gegevens over mensen worden verzameld, gekoppeld en geanalyseerd. In de Tucker Carlson-show van 12 augustus 2026 waarschuwde zij voor de opkomst van een digitale infrastructuur waarin financiële gegevens, locatiegegevens, camerabeelden, internetgedrag en andere databronnen steeds verder met elkaar worden verweven.

Ze gaat nog een stap verder, want met de AI-datacenters wordt volgens Austin Fitts de basis gelegd voor wat zij een “volwaardig sociaal kredietsysteem” noemt — een systeem waarbij je gestraft kunt worden voor onwenselijk gedrag en dat in China al is doorgevoerd. “Ze willen op je geld, je banktegoeden en je aandelen en obligaties wat ik een ‘automatische derde vergrendeling’ noem, toepassen”, zo stelt ze. Volgens haar zijn de AI-datacenters bedoeld om je geld te kunnen uitschakelen en belastingen te verhogen zonder dat iemand daar iets over te zeggen heeft. Een digitale controle die voorheen onmogelijk was.

dakl.nl/interview-carlson-austin-fitts (vanaf 37:40)

Meer in De Andere Krant: Lees in de krant meer opmerkelijke nieuwsberichten, achtergronden, columns en bijzondere initiatieven en tips in onze SamenLeven rubrieken.

Lees meer en weet meer met een abonnement op De Andere Krant. Nog geen abonnee? Overweeg dan een van onze abonnementen of probeer 6 weken voor € 20 met het proefabonnement en steun de onafhankelijke journalistiek!

Deel dit artikel:

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.