Skip to main content Scroll Top
Nieuws of Column?:
NIEUWS
Breaker:
-
2026 - Uitgave 32

Een inferno aan bangmakerij

Mayke Wijnen | Datum: 9 augustus 2026

een-inferno-aan-bangmakerij

Fotografie: Caleb Cook | Unsplash

Er is geen verband tussen bosbranden en klimaatverandering

De bosbranden in Zuid-Frankrijk en Spanje zijn het gevolg van menselijk handelen en ­nalatigheid in bos- en landschapsbeheer. Dat stellen deskundigen tegenover De Andere Krant. “96 procent van de bosbranden wordt — al dan niet bewust — aangestoken”, aldus klimaatwetenschapper Marcel Crok. Gepensioneerd houtvester Leffert Oldenkamp: “De Natura 2000-gebieden zijn ideale brandhaarden. Ik krijg tranen in mijn ogen van zoveel onkunde en onwil.” De aanname dat klimaatverandering de grote boosdoener is, wordt zelfs door de VN-klimaatorganisatie IPCC niet onderschreven.

De indringende beelden van smeulende Spaanse en Franse bosgebieden, bange vakantiegangers en bewoners die worden geëvacueerd: ze worden gretig aangehaald door klimaatvoorvechters. Begeleid door het NOS-artikel Frankrijk vraagt hulp EU, Spanje roept noodtoestand uit noemt D66-fractievoorzitter Jan Paternotte Europa op X “het snelst opwarmende continent ter wereld” en zegt dat “dit kabinet-Jetten het roer omgooit. Die groene koers is hard nodig. Een schoon, veilig én welvarend Nederland gaan hand in hand.” Voormalig NOS-weerpresentator Gerrit Hiemstra zei tegenover EenVandaag dat het “dweilen met de kraan open” is en “volstrekt helder wat we eraan kunnen doen. Stoppen met fossiele brandstoffen. Daar is niets onduidelijks aan.”

Maar komen de bosbranden echt door een eventuele opwarming van de aarde? Die link legt zelfs VN-organisatie IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) niet, zo concludeerde Roger Pielke jr. op zijn Substack ‘The Honest Broker’ in 2023. Na een reeks bosbranden in Canada die zomer liet de klimaatwetenschapper zijn licht schijnen op hoofdstuk 12 van het omvangrijke zesde rapport (AR6) van het IPCC uit 2021. Daaruit blijkt dat de klimaatorganisatie nog onvoldoende bewijs ziet voor claims dat er door CO2-uitstoot meer fire weather is — de ideale weersomstandigheden voor bosbranden zoals hoge temperaturen, lage luchtvochtigheid, droge bodem en wind. Sterker nog: het IPCC denkt deze weersomstandigheden tot het eind van deze eeuw, 2100, niet te kunnen linken aan klimaatverandering. Een opvallende conclusie die, aldus Pielke, “haaks staat op bijna alle mediaverslaggeving”.

Marcel Crok van Stichting Climate Intelligence (Clintel) noemt de recente mediaberichtgevingen en de reacties van Paternotte en Hiemstra dan ook “puur populisme. Hiemstra negeert met zijn opmerking in feite het laatste IPCC-rapport en je zou hem daarom een klimaatontkenner kunnen noemen.”

Volgens Crok wordt “de ramp gebruikt voor een politieke agenda: we moeten naar nul CO2. Dat is pure misleiding. Er kunnen andere redenen zijn voor  CO2-reductie, maar het bestrijden van bosbranden is er geen. Bosbranden worden beïnvloed door een scala aan factoren: het weer, brandbare vegetatie door nalatigheid in bosbeheer, landschaps­management, onderhoud van hoogspanningsleidingen, brandstichting, brandbestrijding et cetera. Warmte en droogte is overal van alle tijden en dus bestaat de mogelijkheid van bosbranden. Ook bij nul CO2-uitstoot gaan we dit soort branden niet voorkomen. Bovendien wordt 96 procent van de bosbranden — al dan niet bewust — aangestoken.”

Volgens Our World in Data, dat zich baseert op het Global Wildfire Information System (GWIS), is het aantal bosbranden en ­verbrande oppervlakten wereldwijd sinds eind vorige eeuw flink afgenomen en sinds 2010 redelijk stabiel. Deze cijfers geven echter een vertekenend beeld, stellen zowel klimaatvoorvechters als klimaatcritici. Zo stellen alarmisten onder meer dat de huidige, geavanceerde blusmogelijkheden en detectiemateriaal een stijging weten te voorkomen en de toegenomen droogte als gevolg van CO2-uitstoot verbloemen. Critici wijzen dan weer naar bedenkelijk beleid en nalatigheid in het beheer van de bossen, waardoor de impact van bosbranden ook nog eens veel extremer is geworden.

Crok: “Als er te veel huizen in of nabij bossen worden gebouwd, moeten mensen evacueren. Als er geen oud kreupelhout uit bossen weg wordt gehaald, bouwt de brandstof zich op. Als door verkeerd bosbeheer brandbare bomen dicht bij elkaar staan zonder uitdunning, dan wordt dat gevaarlijk.” Hij noemt de branden in Californië van 2018, waar 86 doden vielen. “De vraag is niet: komt dit door het klimaat?, maar: moeten we mensen in dat soort brandgevaarlijke gebieden laten wonen? Al die beslissingen, vaak al heel lang geleden genomen, bepalen uiteindelijk de ernst van de uitkomst.”

Ook bosbouwkundige Leffert Oldenkamp ziet geen verband tussen de bosbranden en klimaatverandering: “Het klimaat heeft nog nooit een vuur aangestoken. Het kan wel droog zijn, maar is dat droge materiaal het gevolg van het weer of van gebrekkig terreinbeheer?”, vraagt de voormalig bosbeheerder retorisch.  “Natuurlijk niet het klimaat. Onze bossen worden onvoldoende selectief beheerd. Dat wil zeggen dat je bos regelmatig uitdunt, waardoor overblijvende bomen een diepe levende kroon krijgen en loofbomen zich kunnen ontwikkelen.” Daarmee wordt het brandgevaar sterk verminderd, zegt Oldenkamp, die van 1973 tot 1979 houtvester was voor Staatsbosbeheer Gelderland. “Vooral een snelle uitbreiding van een brand kan daarmee worden voorkomen. Natuurterreinen verwilderen sterk, vooral na  natuurherstelmaatregelen. Begrazing zou dat kunnen bedwingen, maar dit lukt nu zelden.”

Oldenkamp kreeg met bosbranden te maken in Nederland (Veluwe), Indonesië, British Columbia, Zuid-Frankrijk en Brazilië. Met de huidige droogte loopt volgens hem zelfs Nederland risico op bosbranden. Hij noemt het Loobos in Kootwijk. “Dat werd onlangs in de media onterecht beschreven als bedreigd door stikstof, zure grond en branden door klimaatopwarming, maar daar staan oude grove dennen met grote achterstand in dunning. Er zijn brandsingels gemaakt waar de Amerikaanse vogelkers is verwilderd, en die is uiterst brandgevaarlijk. Dus ja: we lopen in Nederland risico op bosbranden, maar níét door CO2.”

Het achterwege blijven van selectief beheer wordt ingegeven door het  subsidiebeleid, aldus ­Oldenkamp. “Het overgrote deel van de bossen is onder beheer van Staatsbosbeheer — bosbeheer wordt dus bepaald door subsidies. Selectief beheer is duur, daar krijg je onvoldoende geld voor, waardoor niets doen soms meer oplevert. Terwijl er wél veel subsidie te krijgen is voor de omvorming van bossen. Daarbij wordt echter geroerd in de grond waardoor zaadjes zich gaan ontwikkelen. Zo creëer je juist verwildering.” In plaats van selectieve uitdunning wordt er vaak enkel nog door grote machines gekapt, zegt hij. “Terwijl selectieve uitdunning in combinatie met houtexploitatie de toegangswegen voor aan- en afvoer van materiaal en hout onderhouden. Die ontsluiting is essentieel voor een eventuele brandbestrijding. Dat is in het buitenland niet anders. Dit voor bosbranden riskante beleid wordt in Europa ingegeven door Natura 2000.”

Deze Natura 2000-terreinen, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden, zijn volgens Oldenkamp “de ideale brandhaarden”. “De linkse, ecologische agenda heeft het beleid de afgelopen jaren bepaald met het idee van: ‘Niks doen, de natuur redt zichzelf wel’. Nou, dat hebben we gezien: dat doet ze niet. En nu krijgen de boeren de schuld van de verwildering als gevolg van verhoogde stikstof. Maar het komt door de éigen maatregelen. Ik krijg tranen in mijn ogen van zoveel onkunde en onwil.”

Dat onze bossen in het verleden beter werden beheerd, komt volgens Oldenkamp ook door een bottom-up benadering. “De bossen hadden nog plaatselijke opzichters, boswachters en jachtopzichters. Zij ­woonden vaak in de bossen en hadden er dus alle belang bij waakzaam te zijn. Ze wisten exact waar de brandgevaarlijke plekken waren en wat ze moesten doen. We hadden zelfs brandtorens vanwaar de boel in de gaten werd gehouden en escalatie voorkomen.” Tegenwoordig wordt er vooral top-down gewerkt, “met grote detectie- en alarmsystemen, helikopters en brandweerauto’s. Die heb je ook nodig en ze werken goed bij grote branden, maar eigenlijk is het zware geschut een compensatie voor het gebrek aan kleinschalige aanwezigheid en te laat bij de brand te zijn.”

96 procent wordt aangestoken

Uit cijfers van European Forest Fire Information System (EFFIS), het officiële systeem dat bosbranden in Europa, het Midden-Oosten en Noord-Afrika monitort, blijkt dat 96 procent van de bosbranden wordt aangestoken, waarvan 25 tot 32 procent opzettelijk. Vermoedelijk ligt dit laatste cijfer hoger, omdat van 30-50 procent de oorzaak niet officieel bekend is. Na de recente bosbranden in Zuid-Europa zijn honderden arrestaties verricht. “Moedwillige brandstichting gebeurt door gekken of door mensen die er belang bij hebben”, aldus Oldenkamp. “Het probleem is dat pyromanen de gebieden veel beter kennen dan de brandweer.” Bij 50-70 procent zou nalatigheid een rol spelen, zoals sigarettenpeuken, barbecue-assen of achterstallig onderhoud van hoogspanningskabels of landbouwwerktuigen.

“Bosbranden in Spanje afgenomen”

Fernando del Pino Calvo Sotelo heeft in een recent artikel op de klimaatkritische website Clintel.nl de link tussen klimaatopwarming en bosbranden onderuitgehaald. De Spaanse econoom en opiniemaker beschrijft dat de autoriteiten in Spanje in hun openbare verklaringen “burgers opriepen eerder waarschuwingen te geven”, maar met geen woord spraken “over de investeringen die hadden moeten worden gedaan in brandbestrijdingscapaciteit: Spanje beschikt bijvoorbeeld over slechts zeven oude, operationele blusvliegtuigen, vergeleken met de achttien die Italië ter beschikking staan, terwijl Italië 50 procent minder bosgebied heeft dan Spanje.”

De Spanjaard zet nauwgezet uiteen hoe omgevingstemperatuur nooit verantwoordelijk kan zijn voor een bosbrand. Volgens hem is “het feit dat de regio met de meeste verbrande hectaren, in verhouding tot het bosareaal, van oudsher het koele en vochtige noordwesten van Galicië is, ook een aanwijzing dat de omgevingstemperatuur geen significante factor is. In Canada — waar dit jaar 3 miljoen hectare is verbrand — woeden momenteel grote bosbranden in delen van British Columbia waar de maximumtemperatuur rond de 20 graden ligt en de minimumtemperatuur slechts 7 graden bedraagt. En in zuidelijk Afrika valt het hoogtepunt van het bosbrandseizoen samen met de winter op het zuidelijk halfrond, wanneer de minimumtemperaturen rond de 8 graden schommelen, aangezien dan het droge seizoen heerst. Met andere woorden: bossen branden niet omdat het warm is, maar omdat het kreupelhout droog is: in veel regio’s van de wereld — zoals Europa— vallen het warme seizoen en het droge seizoen samen, maar in andere delen van de wereld is het tegenovergestelde het geval.”

Daarnaast beschrijft hij hoe bosbranden wereldwijd zijn afgenomen en hoe de toename “van het prachtige CO2” (een groeistof voor planten en bomen — red.) ertoe heeft geleid dat ontbossing niet langer een wereldwijd probleem is, omdat het bosareaal is toegenomen. Volgens hem is het in verband brengen van een bosbrand met de opwarming van de aarde “een belediging voor de intelligentie”.

Voor het volledige artikel zie: clintel.nl/bosbranden-spanje-afgenomen

Meer in De Andere Krant: Lees in de krant meer opmerkelijke nieuwsberichten, achtergronden, columns en bijzondere initiatieven en tips in onze SamenLeven rubrieken.

Lees meer en weet meer met een abonnement op De Andere Krant. Nog geen abonnee? Overweeg dan een van onze abonnementen of probeer 6 weken voor € 20 met het proefabonnement en steun de onafhankelijke journalistiek!

Deel dit artikel:

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.