De oneigenlijke discussie over thuisonderwijs
Hannah von Wertheimstein | Datum: 2 juli 2026
Fotografie: Marc Elias
“Gemeenten die de onderwijskeuze van ouders afwijzen of vervolgen overtreden de wet”
“Er is een volstrekt oneigenlijke landelijke discussie over thuisonderwijs losgebarsten”, stelt Hannah von Wertheimstein, jurist gespecialiseerd in vraagstukken over de rol van overheid in het onderwijs. Steeds meer gemeenten en overheidsinstanties negeren het wettelijke recht dat ouders hebben om hun kinderen vrij te stellen van schoolinschrijving — zoals staat in artikel 5 onder b van de Leerplichtwet. Omdat diverse gemeenten naar eigen inzicht de regels invullen, komen diverse ouders die thuisscholing geven in aanvaring met de leerplichtambtenaar. Het is een directe aantasting van de rechtsstaat: de overheid hoort de wet uit te voeren en niet achter de schermen naar eigen voorkeuren te herschrijven, betoogt Von Wertheimstein.
Stel: op een weg geldt een limiet van 50 kilometer per uur. Zo staat het op de borden, zo staat het in de wet. Een belangenorganisatie vindt 30 km/u eigenlijk beter. De politie begint vervolgens mensen te beboeten alsof de limiet al geldt. Niet omdat de wet veranderd is, maar omdat men vindt dat het veiliger zou zijn.
Het klinkt absurd. Toch is dat precies wat zich nu afspeelt in Nederland voor ouders die een beroep doen op vrijstelling van de verplichte schoolinschrijving voor hun kinderen. Zij doen dit vanwege gemoedsbezwaren, vanuit de overtuiging dat de richting van de scholen in de buurt onverenigbaar zijn met hun standpunt over de opvoeding en vorming van hun eigen kinderen. Steeds vaker krijgen ouders te maken met overheidsorganisaties die de indruk wekken dat er iets te oordelen valt over die keuze, terwijl de wet daarvoor helemaal geen ruimte biedt.
Een beroep op vrijstelling is geen vergunning
De Leerplichtwet 1969 geeft ouders de mogelijkheid hun kind niet in te schrijven op een school. De wet houdt namelijk rekening met mensen die door hun geloofsovertuiging of levensvisie geen passende school in hun omgeving kunnen vinden, ook al worden verschillende soorten scholen door de overheid gefinancierd. Als ouders gemoedsbezwaren hebben bij het onderwijsaanbod in de buurt van hun woningen, kunnen zij een beroep doen op vrijstelling van de leerplicht (artikel 5 onder b, richtingsbezwaren, zie kader). Het is een persoonlijke keuze, een keuze die valt te scharen onder de noemer ouderlijk gezag. Er staat nergens in de wet dat een of andere (overheids)instantie mag beoordelen of dat ouderlijke gezag wel juist is toegepast.
Sommige gemeenten doen nu alsof ze een beslissing mogen nemen over deze vrijstelling. Ze sturen brieven die eigenlijk een afwijzing zijn, maar noemen het schrijven “een informatieve mededeling”. Ze creëren daarmee een situatie dat je als ouder niet eens bezwaar kunt maken tegen iets waar de gemeente wettelijk gezien niet eens over mag beslissen. Het zorgt ervoor dat mensen minder juridische bescherming genieten.
Soms wordt in brieven van gemeenten zelfs gesproken over “strafrechtelijke handhaving”, terwijl ouders die zich beroepen op artikel 5 onder b geen enkele wet overtreden. Iemand kan immers alleen worden aangesproken op de wet die geldt, niet op regels die mogelijk in de toekomst worden ingevoerd.
De rol van de minister
De minister, nu in het bijzonder te noemen de minister van Onderwijs, bekleedt een ambt. Dat ambt dient met zorg en verantwoordelijkheid te worden uitgevoerd. Leerplichtwetten moeten worden uitgevoerd zoals die zijn vastgesteld. Er kan niet worden bijgestuurd op basis van eigen voorkeuren van de overheidsinstanties.
Als gemeenten, beïnvloed door signalen vanuit organisaties die andere belangen dienen dan de wet en ouders hun situatie, vrijstellingen voor richtingsbezwaren gaan behandelen als een probleem dat omzeild moet worden, dan ondermijnen ze de wet. Een minister heeft de taak de wet uit te voeren zoals die er ligt. Het eventuele aanpassen van de regels dient via een officiële wetswijziging met democratische controle te gebeuren. Niet via indirecte druk of onduidelijke communicatie waardoor ouders het gevoel krijgen dat ze al beoordeeld worden op regels die nog niet bestaan.
Justitie en Veiligheid moet ingrijpen
De term “strafrechtelijke handhaving” mag niet worden misbruikt voor situaties waarin geen strafbaar feit is gepleegd. Strafrecht mag niet worden ingezet om beleid of wensen direct of indirect af te dwingen. Als ambtenaren dit toch doen, bijvoorbeeld door te verwijzen naar mogelijke handhaving zonder duidelijke wettelijke basis, dan overtreden zij zelf de wet.
De minister van Justitie en Veiligheid moet duidelijk zijn: strafrechtelijke dreiging hoort niet thuis in de procedures rond het aanvragen van een vrijstelling. Ouders die zich aan de regels houden, mogen niet worden behandeld en vervolgd.
Conclusie: zolang de huidige wet geldt, hebben ouders het recht om zich te beroepen op artikel 5 onder b uit de Leerplichtwet — het is niet relevant of een organisatie, een gemeente of een individuele bewindspersoon daar ideologisch gezien anders over denkt. Wie meent dat de regeling moet veranderen, dient naar de wetgever te gaan.
Wie is Hannah von Wertheimstein?
Hannah von Wertheimstein is gespecialiseerd in het adviseren over juridische vraagstukken binnen overheid en onderwijs, met focus op regelgeving, beleid en praktische toepasbaarheid. Zij is (boven alles) moeder en verder breed maatschappelijk geïnteresseerd, met een sterke passie voor lezen als bron van verdieping.
Artikel 5 onder b, Leerplichtwet 1969 beschrijft het recht op vrijstelling van inschrijving vanwege richtingsbezwaar. Het gaat er daarbij om dat de ouders geen school op redelijke afstand van hun woning kunnen vinden, die het kind wil plaatsen en die de religie of levensovertuiging van het gezin in het onderwijs uitdraagt en bevordert. Een beroep op dit recht kan worden gedaan middels een kennisgeving aan burgemeester en wethouders (B en W) van de gemeente waar de jongere als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie persoonsgegevens (BRP). Naast een geldig richtingsbezwaar, dient de kennisgeving te voldoen aan enkele voorwaarden zoals het op tijd indienen van de kennisgeving in combinatie met het vermelden met de juiste persoonsgegevens.
Meer in De Andere Krant: Lees in de krant meer opmerkelijke nieuwsberichten, achtergronden, columns en bijzondere initiatieven en tips in onze SamenLeven rubrieken.
Lees meer en weet meer met een abonnement op De Andere Krant. Nog geen abonnee? Overweeg dan een van onze abonnementen of probeer 6 weken voor € 20 met het proefabonnement en steun de onafhankelijke journalistiek!
