“Help mee te bouwen aan een nieuwe regionale voedselketen”
Emma Oldenkamp | Datum: 11 oktober 2026
Marcel van Silfhout | ©mkfotografie
Journalist Marcel van Silfhout strijdt met stichting Graangeluk voor voedselautonomie
Marcel van Silfhout, onderzoeksjournalist en auteur, begon in 2017 met het telen van lang uitgestorven gewaande graansoorten. Twee jaar later bedacht hij het concept GraanGeluk, een initiatief om de Nederlands akkers op een natuurlijke, agro-ecologische manier te herstellen. Het is zijn antwoord op de toenemende voedselonzekerheid in de wereld. “Als onderzoeksjournalist breng ik de duisternis aan het licht, met GraanGeluk breng ik licht naar de duisternis.”
In een mooi versierde GraanGeluk-bestelbus rij ik mee met Marcel van Silfhout vanuit Ede, langs de flank van de Wageningse Berg, naar Wageningen. In en rond het gebied zijn de Airborne luchtlandingen en de herdenking van de Slag om Arnhem bezig. Over de akkers van Van Silfhout vliegen onophoudelijk oorlogsvliegtuigen, langs de wegen staan legervoertuigen opgesteld en in Arnhem lopen soldaten door de stad. We wanen ons tijdens het interview even in de Tweede Wereldoorlog. Het doet Van Silfhout terugdenken aan zijn tijd als oorlogsjournalist in Kosovo, vertelt hij.
Terwijl we door de geboortestad van de oprichter van GraanGeluk rijden, vloeien de verhalen vanzelf. “Het boerencultuurlandschap uit mijn kindertijd, ik genoot daarvan”, vertelt Van Silfhout, een man die boordevol verhalen zit, geanimeerd. “De variatie tussen akkers, de wisselende seizoenen en dan het bos en de heide. Op een gegeven moment zag ik die akkers verdwijnen, die worden zomaar ‘terug aan de natuur gegeven’, soms zelfs afgegraven. Dat zijn teeltlagen waar de mensen soms honderden jaren over hebben gedaan om op te bouwen. Die graaf je toch niet af?”
Met het telen van historische granen in eigen streek wil de bevlogen pionier een systeemverandering in gang zetten, om de voedselzekerheid van heel Nederland te waarborgen. Een oude Kelt, zo noemt hij zichzelf. Van Silfhout constateerde begin van het vorige decennium al dat het nodig is. In 2013 schreef hij zijn spraakmakende boek Uitgebeend, hoe veilig is ons voedsel nog?. “Ineens besefte ik dat wij in met name Nederland heel afhankelijk zijn geworden van de hele wereld voor ons voedsel. Wij halen het voor een groot deel uit het buitenland. De ouderwetse korte lokale regionale keten, die is gewoon weg. Alles is geglobaliseerd. Ik dacht, jeetje, je zou je erop moeten richten het voedsel uit eigen regio weer terug te brengen. Dit moet ik herstellen, dacht ik, maar er valt niks te herstellen als er helemaal niks is. Je moet hem opnieuw opbouwen en daar schrok ik wel van.”
De huidige onrust in de wereld, zoals het conflict tussen Rusland en Oekraïne, heeft de voedselonzekerheid alleen maar verergerd. “Voedselautonomie betekent dat je lokaal regionaal je voedsel zou moeten produceren”, aldus Van Silfhout, terwijl we ondertussen door de smalle straatjes van Wageningen rijden “Kijk, bij dat huisje, waar dat raampje openstaat, daar ben ik geboren”, vertelt hij terwijl we de Harnsjesweg indraaien. “Hiertegenover zit de vroegere bakkerij en daarachter de molen, dus het is er bij mij al vroeg met de paplepel ingegoten.”
Heropleving natuur
De geur van vers gebakken brood komt ons tegemoet in de GraanGeluk Bakkerista in Wageningen, een van de twee bakkerijen waar broden worden gemaakt van GraanGeluk-granen. “De afzet is heel belangrijk. Dit zijn voorbeelden van hoe je met eigen granen een eigen desembrood kan bakken en we hopen dit in Nederland op meer plekken mogelijk te gaan maken. Terug naar de wortels van onze oude systemen, onze oude tijden, met een moderne blik en moderne technologie”, vertelt Van Silfhout. “Graan is een van de meest voedzame producten als je kijkt naar de hoeveelheid koolhydraten en eiwitten, dus het is heel belangrijk dat weer in je eigen omgeving te telen. Ik doe het agro-ecologisch, geen kunstmest en zeker geen gewasbeschermingsmiddelen. Ik zaai zeldzame akkerkruiden weer op de akkers in en je ziet daar een hele mooie heropleving van natuur en biodiversiteit.” Veldleeuweriken en kwartels zijn al teruggekeerd bij de velden van GraanGeluk. “We zagen tot drie keer toe in één jaar een schuilende reegeit met een reekalfje.”
We vervolgen onze weg naar de Stadsbrouwerij in Wageningen, waar met de historische granen van de velden van GraanGeluk bier wordt gebrouwen. “Hier staat-ie, Gelders GraanGeluk, met een gouden medaille”, vertelt Van Silfhout trots, terwijl hij het bier laat zien dat de categorie Best Specialty Beer van de wereld in Brussel heeft gewonnen. “Het is belangrijk dat inwoners zich weer verbonden voelen met de regio”, vult Dennis Lebbing, brouwer van de Stadsbrouwerij, aan. “Ik kan mijn geld uitgeven aan wereldspelers, de globale economie of ik kan het lokaal besteden en het mkb en de biodiversiteit steunen.”
Na de tussenstop doen we de Westberg aan, de eerste akker die Van Silfhout in zijn beheer kreeg. “Kijk, een holle weg, een hele oude weg uit de oertijd, waarschijnlijk al duizenden jaren oud. Het is de snelweg van de oudheid: hier kwamen alle paarden en veedriften zo naar boven. Daarom is het waarschijnlijk zo uitgehold. Hier komt ook de legende van het Rad van Wageningen vandaan”, vertelt Van Silfhout. “Hier werd een rad met stro omwikkeld, in brand gestoken en dan omlaag gegooid. Als hij heelhuids beneden aankwam zonder dat het bos vlamvatte, dan zou het een vruchtbaar jaar worden. Vatte het bos wel vlam, dan werd het geen vruchtbaar jaar. Ja, de vruchtbaarheidsrite, misschien een mythe, misschien waar, maar zeker een mooi verhaal.”
Paradijselijke plek
Van Silfhout loopt naar de plek waar zijn initiatief is geboren. “GraanGeluk is drie keer in Wageningen geboren: op de Harnjesweg, hier op de Westberg en in de bakkerij. Het voelt oer en natuurlijk. Dit is hoe het leven zou moeten zijn, dat je je eigen omgeving koestert en daarin acteert en deze ook voor toekomstige generaties veiligstelt. Want dat is ook wat we met deze akkers doen, we maken die bodems zo vruchtbaar mogelijk.” Hij tuurt naar de dikke zwarte aarde. “Je komt op een mooi moment, zoals je ziet is de akker net gereed gemaakt om te kunnen inzaaien. Deze plek was de voorbije zomer idyllisch. Hier stond de rogge manshoog en door de hele rogge heen korenbloemen en klaprozen. Het is een paradijselijke plek, de oergrond van Wageningen.”
Daarna rijden we over de Wageningse Eng, een van de laatste overgebleven dorpsakkers aan de rand van de Veluwe. “De komst van de supermarkt, rond 1959, is eigenlijk heel recent. Alles is gecentraliseerd en is daardoor anoniem geworden. Als je als boer daar niet in mee wilt gaan, word je afgeknepen. Ook daar zit weer dat systeem, het is niet gezond, niet vitaal en niet houdbaar. We moeten af van al die centralisaties in Europa. De lokaal regionale ordening is duizenden jaren de normale maat der dingen geweest.”
Korte tijd later vervolgen we onze weg naar de Ginkel. “Hier zie je nog een paar akkers. Dat zijn de laatste, dit waren vroeger allemaal akkers en ik vond het prachtig. Dat was mijn lievelingsgebied. Glooiend landschap, een beetje Toscaans. Van die glooiingen zie je niks meer terug”, verzucht Van Silfhout, die constateert dat deze regio nog maar een voedselvoorzieningsgraad van rond de 10 procent heeft, doordat een enorm deel van de akkers is verdwenen. “Dat is vergelijkbaar met de voedselvoorzieningscijfers in Rotterdam, terwijl je hier op het platteland zit met heel veel voedselmogelijkheden. Dit was van oudsher nota bene een van de belangrijkste plekken in Nederland, waar veel granen werden geteeld. Nu is het desolaat. Dat is mijn pijn. Dit is de afdeling graanongeluk.”
Hij wijst in de verte waar grote zwarte hopen aarde zichtbaar beginnen te worden. Van een enorm gebied is de vruchtbare zwarte bovenlaag afgeschraapt en bij elkaar geveegd, klaar om afgevoerd te worden. Daaronder is de onvruchtbare zandgrond zichtbaar. Bij het project pronkt een reclamebord, waarop staat dat het is gefinancierd door de Europese Unie. “Je bent zeker zo’n honderd jaar bezig om twee centimeter humusgrond te verkrijgen, dan schrik je echt.”
Vernietigingszucht
Van Silfhout vertelt hoe hij met man en macht met zijn stichting GraanGeluk probeert te voorkomen dat mooie landbouwgronden ten prooi vallen aan deze vernietigingszucht. Ondertussen draaien we de Bilderbergweg op. “Ja, het Bilderberghotel staat hier, hier is de ellende begonnen,” vertelt Van Silfhout. Als hij de bocht indraait, vliegen de oorlogsvliegtuigen van de Airborne opnieuw over ons heen. Voor Van Silfhout reden toch nog even terug te blikken op zijn vroegere werk als oorlogsjournalist in Kosovo. “Het was echt wel heftig. Het was de grootste legerinvasie na D-Day in Europa. Daar raceten we gewoon tussen de tanks door. We konden met de auto sneller. Dat mocht niet, maar we deden het toch. We waren eerder in Pristina en liepen recht in de loop van Servische soldaten met een geweer. We hebben er geluk mee gehad, want het was echt gevaarlijk. In dat weekend zijn drie collega’s omgekomen, waaronder een jonge Duitse journalist, die een zwangere vrouw thuis had zitten.” Van Silfhout vertelt dat hij op dat moment een dochter had van drie weken oud. “Dat was voor mij ook wel reden om te beslissen dat ik geen oorlogsverslaggeving meer ging doen. Het zijn enorme lessen die ik heb geleerd van die periode, in geopolitieke zin. Met mijn boek en ook met de film waar Robbert Clignett, Remko Schnorr, Jaap Holwerda en ik aan werken, willen we belichten hoe deze ellende al begint met de Eerste Wereldoorlog, daarvoor zelfs al.”
In de heuvels rondom Ede vertelt hij dat de stichting GraanGeluk ook strijdt voor haar bestaansrecht. Zo dreigen verschillende subsidieaanvragen te worden afgewezen. “Het zou kunnen zijn dat ik in de cancelmodus terecht ben gekomen, ook subsidietechnisch. Maar we moeten wel door met bouwen”, aldus de oprichter van GraanGeluk, die overtuigd is van zijn verhaal. “Met natuurlijk agrarisch beheer wil ik een revolutie veroorzaken door de landbouwsector te vernatuurlijken, op een manier die we rekenkundig goed moeten doen. Het kan niet zo zijn dat we daar geen voedsel meer van krijgen. De humane voedselteelt blijft hoofdmoot. Dat vakmanschap moeten we opnieuw centraal stellen en op die manier kunnen we de landbouw hervormen in Nederland met behoud van ons eten”, stelt Van Silfhout. “Het concept van GraanGeluk kun je overal op toepassen, ook op tomatenteelt, groenteteelt, fruitteelt, alles. We moeten op een systemisch niveau opnieuw met elkaar aan de slag. Dat wil ik ook echt proberen te doen, maar dat kan ik niet meer in mijn eentje. Dit is een hulpkreet voor financiële donaties en certificaten, via bijvoorbeeld graandelen en grootgraandelen die te koop zijn via de website van GraanGeluk. We moeten het samen met elkaar opbouwen, daarom vraag ik aan iedereen om mee te helpen.”
Op zaterdag 14 november 2026 organiseert GraanGeluk het feestelijke symposium Terug naar Onze Toekomst in Antropia. Hier zullen meerdere sprekers hun verhaal vertellen en vertonen Van Silfhout, Clignett, Schnorr en Holwerda hun trailer van een drieluik over een eeuw aan geopolitiek in Europa. Tickets zijn net als de donaties en certificaten te koop op: graangeluk.nl
Meer informatie over de film: haagslicht.nl/project/wilhelm-2
