Skip to main content Scroll Top
Nieuws of Column?:
NIEUWS
Breaker:
-
2026 - Uitgave 36

Politie en pers bij opening Renaissanceschool Almere

Erick Overveen en Hendriëlle de Groot
Datum: 06 september 2026

politie-en-pers-bij-opening-renaissanceschool-almere

Beeld: ©MKFOTOGRAFIE

“Hier leren we kinderen kritisch denken”

Vorige week zaterdag opende de Renaissanceschool in Almere haar deuren onder grote belangstelling van de pers, terwijl buiten wijkagenten een oogje in het zeil hielden. Schooldirecteur Douwe Filz bleef vriendelijk onder een spervuur van argwanende vragen over de bedoelingen van de FVD-school: “Wij leren de kinderen kritisch denken, via de socratische methode. Door de juiste vragen te stellen leer je kinderen dat er meerdere bronnen en belangen zijn.”

Op wat kinderen in een speeltuintje na, ligt de nieuwbouwwijk bij ­station Almere Poort er deze druilerige zaterdagochtend verlaten bij. Zodra we de Monaco­straat inlopen, stuiten we op twee wijkagenten bij een politieauto voor de ingang van de Renaissanceschool: “Ze zijn hier op eigen initiatief, omdat er enkele prominente gasten aanwezig zijn, onder wie FVD-Tweede Kamerlid Ralf Dekker”, verklaart schooldirecteur Douwe Filz. “Bovendien staat de Renaissanceschool momenteel volop in de mediabelangstelling en worden er geregeld bedreigingen geuit.”

Ondanks de gespannen sfeer wacht Filz ons hartelijk op bij de ingang, terwijl een portier ons met een scherpe blik gadeslaat. Binnen zijn de mainstreammedia ruim vertegenwoordigd. De pers krijgt een uur: na twaalven is de school voor de ouders en familie van de kleuters die hier in groep 1 en 2 aan hun eerste schooljaar gaan beginnen.

Met de opening gaat een droom van Forum voor Democratie in vervulling: een school gebaseerd op ‘klassiek Europees onderwijs’ en het gedachtegoed van de partij. Twee jaar geleden moest een eerder, particulier initiatief de deuren sluiten. Die school draaide op vrijwilligers en particuliere bijdragen en bezweek uiteindelijk onder de financiële last. Nu is de school terug als volwaardige, door het rijk bekostigde instelling. “Het was een gigantisch bureaucratisch traject met deadlines, documenten en een verplichte belangstellingsmeting”, legt Filz uit. Maar het resultaat is, stelt hij tevreden vast, onderwijs dat toegankelijk is voor ieder kind, niet alleen voor ouders met een gevulde portemonnee.

De schooldirecteur leidt ons door het schoolgebouw naar het muziek­lokaal, met in de hoek een pianovleugel. “Kunst is heel belangrijk in de Renaissanceschool. We hebben een vakdocent beeldende vorming die hier wekelijks met onze leerlingen schildert, in een eigen atelier. En wat ook leuk is: je ruikt hier de geur van versgebakken brood: elke middag maken we samen met de kinderen een warme lunch.”

In de zogeheten ‘verwonderkamer’ — een lokaal met platen aan de muur en vitrinekasten met onder meer opgezette dieren en modellen van zeventiende-eeuwse zeilschepen — heeft de mainstreampers de messen al geslepen. Journalisten verdringen zich rond Filz, het kruisverhoor kan beginnen.

“Van klein naar grote pers — wie is er eerst?” begint Filz. YouTube-­blogger Justin Clijsen steekt zijn hand op: “Ik denk dat ik eerst ben, want ik heb geloof ik 71 abonnees”. Filz: “Zelfs de grootste eik begon als een klein eikeltje”. Wanneer Clijsen op de kaart van Nederlands-Indië wijst, wordt de sfeer grimmiger. “Deze kaart”, zegt Filz, “hangt hier om duidelijk te maken dat de school de Nederlandse koloniale geschiedenis per saldo positief waardeert. Je kunt er veel avonturisme en ondernemerschap uit halen, een grootse legacy. Als jij doelt op het slavernijverleden, Justin: dat waarderen wij als negatief, maar wij beoordelen de geschiedenis van toen niet door de ogen van nu. Wij betrachten de ‘standplaatsgebondenheid’ die historici hanteren: je beoordeelt het verleden niet met de normen van vandaag. En dan kan ik jóu het vuur aan de schenen leggen: toekomstige generaties zouden jou kunnen veroordelen, omdat jij kleding draagt die door kinderen in Azië is gemaakt.”

Justin protesteert, maar Filz vervolgt: “Natuurlijk zijn er wél excessen die ook wij veroordelen. Neem de slachtpartij van Jan Pieterszoon Coen op de Bandanezen.” Coen liet in 1621 de bevolking van de Banda-eilanden vrijwel geheel uitroeien om het VOC-monopolie op nootmuskaat af te dwingen — hét standaardvoorbeeld van koloniaal geweld onder de VOC. “Zo’n daad veroordelen we zonder meer. En toch stichtte diezelfde Coen Batavia. Mensen uit de geschiedenis zijn echte mensen, met goede en slechte kanten.” “Leren jullie kinderen dat ook?” gooit Clijsens cameraman erdoorheen, — “van die slachtingen?” Filz antwoordt: “Jij bent overduidelijk ingepakt door de propaganda dat je niet meer trots mag zijn op je eigen geschiedenis. Wij leren kinderen dat ze trots mogen zijn op hun eigen land, op hun eigen voorouders, dat er magistrale, bijna bovenmenselijke prestaties geleverd zijn en dat zij daarvan afstammen.”

Inmiddels heeft ook de 26-jarige Moriah Hartman zich bij ons gevoegd, leerkracht in het basisonderwijs en gespecialiseerd in leesonderwijs: sinds deze maand geeft ze les aan de kleutergroep. Bij haar komt al gauw het verwijt op dat jongens en meisjes gescheiden les zouden krijgen. D66-Kamerlid Ilana Rooderkerk waarschuwde in de Tweede Kamer dat onderwijsvrijheid geen vrijbrief is voor discriminatie, met die “afzonderlijke leertrajecten” als mikpunt. Hartman weerlegt die uitspraak: “Daar is veel heisa over geweest, maar in de praktijk biedt de school na een klassikale les verschillende manieren aan om de stof te verwerken: een beweegopdracht, een tekenopdracht, samenwerken”, legt ze uit, “beweeglijke leerlingen, vaak jongens, niet altijd overigens, kiezen daar sneller voor. Wil een meisje aanschuiven, dan is ze welkom. Bij een creatieve opdracht als tekenen zie je juist vaker meisjes. Maar dat is een keuze, geen scheiding die wij opleggen.”

Dan is De Andere Krant aan de beurt: wat onderscheidt een kind van deze school straks van een reguliere leerling? Volgens Hartman vooral de denkvaardigheden: zelf leren denken, theorieën naast elkaar leggen — en het vasthouden van de aandacht. “Kinderen kunnen amper nog een filmpje kijken zonder afgeleid te raken. Wij werken analoog, waar veel scholen laptops en digiborden gebruiken. Juist daar zie ik veel misgaan.” Filz vult aan: “Wij leren de kinderen kritisch denken, via de socratische methode. Door de juiste vragen te stellen leer je kinderen dat er meerdere bronnen en belangen zijn. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt.” Naast een brede vorming met sport, kunst en muziek, blijven taal en rekenen de basis. “In Amsterdam haalt bijna de helft van de vmbo-leerlingen in het tweede jaar het groep 8-niveau niet meer. Dat zal hier niet gebeuren”, aldus Filz.

Het heetste hangijzer blijft de financiering. In de Tweede Kamer sprak D66’er Rooderkerk over “een partijpolitiek experiment waarmee 4-jarige kinderen worden geïndoctrineerd” en vroeg zich af hoe publiek geld naar een FVD-school kan gaan. Als een NRC-journalist daarover kritische vragen stelt, pareert Filz nuchter: “Of het nu belastinggeld is, geld van ouders of van sponsoren — in beide gevallen gaan wij er met uiterste zorgvuldigheid mee om”. Op het verwijt van segregatie keert hij het argument om: “Kleinschaligheid is juist een kracht. De polarisering en atomisering van onze samenleving is een van de grootste gevaren voor het voortbestaan ervan. Het is juist goed lokaal dingen op te lossen, mensen in hun kracht te zetten.”

Dan voert De Telegraaf de druk op met het zwaarst beladen onderwerp van de ochtend: de Holocaust. “Wat heeft dat met onze school te maken?” vraagt Filz verbaasd. “Daar ga ik niet op in.” Vervolgens houdt de journaliste docente Moriah Hartman haar eigen woorden voor: in een appgroep van jongerenorganisatie JFVD noemde zij zes jaar geleden het dagboek van Anne Frank ‘overrated’. Woorden die haar sindsdien blijven achtervolgen: eerst bij haar verkiezing tot Haarlems raadslid voor FVD, nu bij haar aanstelling op de school. Hartman neemt er direct afstand van: “Ik was jong. Iedereen kan fouten maken, zeker op die leeftijd. Ik heb ervan geleerd en mezelf verbeterd.” En ze draait het om tot lesstof: “Dat is ook wat we onze leerlingen willen meegeven: dat een fout niet in steen gebeiteld staat en dat je jezelf mag vergeven.” Op de vraag of de Holocaust wel wordt onderwezen, is Filz kort: “De geschiedenis is veel breder dan dat ene tijdvak. Natuurlijk behandelen we de Holocaust. We zullen daar zeker recht aan doen, maar pas in de bovenbouw. We gaan het met kleuters niet over strafkampen hebben.”

Weg van de camera’s en het politieke gekrakeel treffen we een veteraan: Yvonne Daamen staat veertig jaar voor de klas, gaat bijna met ­pensioen en hielp deze school opzetten. De afgelopen decennia zag ze het niveau in het onderwijs afglijden: “Na een toets laat ik mijn leerlingen hun eigen werk evalueren. Tien jaar geleden kwamen daar nog prachtige, kritische antwoorden uit. Nu krijgen ze amper nog iets op papier.” Juist aan dat kritisch denken schort het — en een digitaal leven blijkt geen garantie voor digitale vaardigheid: “Mijn leerlingen vragen me soms hoe ze een plaatje in een Word-­document moeten zetten.”

“Ik vind dat we weer gewoon moeten lesgeven”, besluit Daamen. “Dat betekent: een verhaal vertellen. En je moet van kinderen houden. Je kunt iemand niets leren als je niet van je leerlingen houdt.”

Deel dit artikel:

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.