Nieuws Samen Leven

AI-nanny’s: je nieuwe beste vriend?

ai nannys
💨

Experts waarschuwen voor bedreiging cognitieve en sociale ontwikkeling van kinderen​
Experts waarschuwen voor bedreiging cognitieve en sociale ontwikkeling van kinderen
Datum: 7 september 2023
Samen Leven

Danielle van Wallinga


Een robot als oppas en echte vriend van een kind. Ooit was het sciencefiction-scenario, door het groeiend aantal AI-androïdes gericht op kinderen, is het langzaamaan werkelijkheid aan het worden. De visies op deze ontwikkeling lopen uiteen. Zijn robots een “toegewijde AI-helper die de lasten van ouders verlicht”, zoals de Wall Street Journal schrijft of een regelrechte bedreiging voor de cognitieve ontwikkeling van onze kinderen?

AI-robots gericht op kinderen zijn de laatste jaren in opmars. In 2019 dook cybernanny Robotika op tijdens de Dutch Design Week in Eindhoven, een oppasrobot gemaakt om voor jonge kinderen te kunnen zorgen. De androïde heeft een wiegende en vibrerende schoot, een verwarmde borst en bovenarm, een echt lijkende stem van de moeder én beheerst alle slaapliedjes. Robotika heeft verder sensoren om zaken als temperatuur en luchtvervuiling te meten, houdt het kind met webcamogen continu in de gaten en creëert zo “een veilige omgeving”, volgens de ontwerper. Ook iPal is een bekende oppasrobot, die wordt gepromoot als de “perfecte leerrobot” voor scholen en zorginstellingen.

Dan is er nog robot Moxie, die volgens de makers “een unieke kans” biedt om belangrijke vaardigheden en emotionele intelligentie te leren. De producenten weten dat er veel scepsis is over de mogelijke ontmenselijking van de samenleving, maar hun robot zal er juist voor zorgen dat een “volgende generatie van empathische en bewuste volwassenen wordt grootgebracht”. Robot Miko, waarvan inmiddels de derde generatie te koop is, wordt zelfs gepresenteerd als “je nieuwe beste vriend die in je huis woont, met je meegroeit, je alles kan leren wat je wilt en wel een miljoen spellen, grapjes en verhalen kent”. Platform Digitaalopvoeden.nl prijst het speeltje dat “kan helpen het kinderbrein te ontwikkelen”. “Hoe meer een kind met Miko speelt, hoe beter hij het kind en diens stemmingen en interesses leert kennen.” De Wall Street Journal omschreef robotnanny’s onlangs als “toegewijde AI-helpers die de ‘lasten’ van ouders verlichten en baby’s en peuters de stimulatie geven die ze nodig hebben”.

Er klinkt ook kritiek. De bekende Britse robotica-expert Noel Sharkey, regelmatig op de televisie te zien, benoemde in 2010 de introductie van robots voor kinderen al de “meest dringende ethische kwestie”. Zijn ­studie The crying shame of robot nannies - An ­ethical appraisal schetst een dystopisch beeld van oppasrobots die plaatsvervangende verzorgers worden.

Dr. Michelle Perro, co-auteur van het boek What’s making our children sick?, stelt dat robots nooit de ouders kunnen vervangen. “Communicatie tussen ouder en kind is meer dan alleen een neuraal samenspel”, schrijft zij op The Defender, het platform van Children’s Health Defense dat is opgericht door presidentskandidaat Robert F. Kennedy jr. “Naast verbale communicatie zijn ​​er onmeetbare elementen – zoals gezichtsuitdrukkingen, toonvariaties en de energetische uitwisselingen tussen mensen die AI onmogelijk kan vatten”, aldus Perro.

GZ-psycholoog Marensia Starke, die veel met kinderen werkt, is eveneens kritisch over de nanny-robots. “Robots missen intuïtie, humor en empathie. Kan een robot onderscheid maken tussen goed en kwaad? En hoe reageert het autonome zenuwstelsel van een kind op een robot?” Ze vraagt zich af of robots kunnen bieden waar een kind het meest behoefte aan heeft en is bezorgd over het potentiële risico op emotionele verwaarlozing, met depressie en angststoornissen als mogelijk gevolg op latere leeftijd. “Een robot heeft geen ziel of bewustzijn, is niet in staat verbinding te maken met een bron en kan niet naar zichzelf kijken.”

Mike Lighthart, kind-robot interactieonderzoeker aan de Vrije Universiteit, vindt dat er een “te dystopisch” beeld wordt geschetst van de ontwikkeling van robotnanny’s. “Er is niemand met gezond verstand die wil dat kinderen opgevoed worden door robots”, schrijft hij in een blog op Linkedin. Als robots al iets vervangen, is dat schermtijd, is zijn overtuiging. De robotvriendjes waar Lighthart aan werkt, hebben altijd een speciale taak. “Bijvoorbeeld kinderen met kanker afleiden van stressvolle momenten in het ziekenhuis of kinderen op school ondersteunen bij het rekenen.” Eigenschappen van robots zoals eindeloos geduld en de aandacht van kinderen vast kunnen houden, komen daarbij volgens Lighthart juist goed van pas.

Marc Jacobs, een onafhankelijke dataspecialist, beaamt dat AI krachtige illusies kan opwerpen en dat mensen relaties kunnen hebben met niet-levende objecten. “Kijk maar naar kinderen en hun favoriete knuffels”, zegt hij tegenover De Andere Krant. Maar robots die mensen, of zelfs ouders vervangen, gaat hem veel te ver. “Een robot spreekt alleen maar je brein aan en communiceert niet via gevoel en het spiegelen van gedrag, wat jonge kinderen nodig hebben. Het idee dat we personen kunnen reduceren tot puur fysieke, programmeerbare elementen klopt simpelweg niet.”

Het is zaak om goed na te denken hoe we slim om kunnen gaan met robots, want ze gaan niet meer weg uit de samenleving, stelt Jacobs. “Kinderen zouden weerbaarder moeten worden door te snappen wat een AI-algoritme doet, wat het is, wat het kan en wat niet.” Design­Lab van Universiteit Twente en de kinderrechtenorganisatie KidsRights deden in Nederland onderzoek onder 374 kinderen tussen 4 en 16 jaar. Uit deze steekproef kwam naar voren dat de jeugd menselijke eigenschappen en waarden zoals liefde, autonomie en authenticiteit belangrijk vindt en niet wil dat kunstmatige intelligentie dit vervangt. Kidsrights-voorzitter Marc Dullaert roept de Nederlandse overheid daarom op kinderen en jongeren te betrekken bij het opstellen van ethische normen voor mensgerichte AI. “Alles wat technisch mogelijk is, lijkt ons nu te overkomen, ook de schadelijke effecten. Kinderen en jongeren zijn hierbij uiterst kwetsbaar. We moeten ze daarom beschermen en betrekken en ons door hen laten inspireren.”

Jacobs, die momenteel samen met hoogleraar Waarschijnlijkheidsrekening Ronald Meester werkt aan een boek dat pleit voor verantwoordelijk en verstandig gebruik van AI, besluit: “Je moet altijd heel helder maken: dit is een robot, die kan een heleboel dingen, dat is indrukwekkend, maar het is geen mens. We blijven sociale dieren, hebben menselijk contact nodig. We zouden vaker een digitale detox en een sociale boost kunnen inlassen. Uiteindelijk is een AI-nanny waar je als ouder zelf voor kunt kiezen een peulenschil vergeleken met de veel grotere risico’s van AI, zoals het inzetten van robots voor oorlogsvoering.”

 
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.




©2024 De Andere Krant.
Alle rechten voorbehouden.